X

EUROPEES TUINENNETWERK – EGHN

Slotpark Haydau

Onder landgraaf Karl (1654 – 1730) is in 1685 rondom het voormalige klooster Haydau een barokke tuin aangelegd, omgeven door een hoge muur met nissen, van waaruit men op een aantal plekken kon uitkijken over het omringende landschap. In het park is een fraaie trapconstructie met een kunstmatige grot behouden gebleven die doet denken aan de bouwwerken die landgraaf Karl in het park van Wilhelmshöhe heeft doen verrichten en die een echte bezienswaardigheid vormt in deze voormalige kloostertuin. Om vorstgevoelige planten te laten overwinteren is er later een nieuwe oranjerie gebouwd. Op het hoger gelegen terras is nog een ovaal fonteinbekken uit deze tijd te vinden.

Bomen die in de negentiende en twintigste eeuw zijn geplant, waaronder twee markante zuileiken, hebben het zuidelijke deel van de tuin veranderd en geven het een eigen romantisch karakter. Recent zijn bepaalde delen van de tuin aangepast om de tuin in zijn barokke staat te herstellen. Jongere bomen, met een belangrijke functie vanuit monumentaal en tuinarchitectonisch perspectief, zijn hierbij waar mogelijk behouden gebleven.

Dit voormalige middeleeuwse klooster, dat tegenwoordig als conferentie- en cultuurcentrum dienst doet, bestaat uit drie vleugels met kruisgangen en een gotische kerk en is een van de best bewaarde complexen van zijn soort in Hessen. Tegelijk met de verbouwing tot vorstelijk zomerkasteel door landgraaf Moritz de Geleerde (1572 – 1632), werd in het begin van de zeventiende eeuw ook een nieuwe tuin aangelegd.

Onder landgraaf Karl (1654 – 1730) werd deze tuin in 1685 uitgebreid en in barokke stijl heringericht, als cadeau van de landgraaf voor zijn vrouw Maria Amalia. In het oosten ontstond de nog altijd bestaande oranjerie met haar fraaie gevel, met daarnaast het “herenhuis” waarmee het uitgestrekte, vroegere erf in het zuiden werd afgesloten.

Ook de in het zuiden gerealiseerde uitbreiding van de tuin met een verlaagd terras voor de oranjerie, is nog altijd zichtbaar. De hoge muur om de tuin bevat hier nissen en stulpt op een bepaald punt met een halfronde uitbouw naar buiten. Hier was indertijd een opening in de muur die uitzicht bood op een op een heuvel in de Fuldaaue gelegen kapelruïne, die als de oorsprong van deze plaats werd beschouwd. In de as van deze uitstulping is achter een groot waterbekken tegen de steunmuur van het hoger gelegen tuinterras een bijzondere trappenconstructie aangelegd. De vormgeving van de daar schijnbaar van nature opeen gestapelde stenen van de kunstmatige grot tussen twee gebogen trappen vertoont veel overeenkomsten met de grotconstructie in de kasteeltuin van landgraaf Karl in Wilhelmshöhe en vormt een bijzondere bezienswaardigheid in de tuin in Haydau.

Het vroeger in barokstijl vormgegeven grote bloemenperk direct voor de zuidvleugel is deels bewaard gebleven. Het grote ovale bekken dat vroeger het middelpunt aangaf, is nu het punt waar de zuidas en een hoofdweg bij elkaar komen. De sierperken werden vervangen door een moestuin, die inmiddels weer plaats heeft gemaakt voor een grasveld. De in de negentiende en twintigste eeuw in het kader van een herinrichting van de tuin geplante bomen, waaronder twee markante zuileiken, geven het zuidelijke deel van de tuin een eigen karakter. Deze jongere loof- en naaldbomen worden zoveel mogelijk geïntegreerd in de plannen voor de gedeeltelijke reconstructie van de tuin in zijn barokke staat.

Voor de reconstructie van het westelijke deel van het hoofdterras is er naar historisch voorbeeld voor gekozen om twee halfronde loofgangen rond een groot gazon aan te leggen. De flankerende stroken worden beplant met laagstamfruitbomen. Dat is ook de bedoeling voor het nu nog voor andere doeleinden gebruikte lager gelegen deel van de tuin tot aan de grensmuur in het westen. Van het noordelijke deel van het slotpark, waar rond 1780 een “Engelse tuin” werd aangelegd op de plek van de voormalige boomgaard, is niets intact gebleven.

In het kader van de grote renovatie van het historische complex, die in de periode 1985 – 2001 als modelproject door de monumentenzorg van Hessen is uitgevoerd, zijn ontwikkelingsperspectieven en adviezen ontwikkeld om het monumentale karakter van de tuin te behouden.

Van de tuin van het in 1235 gestichte en in 1527 in onbruik geraakte cisterciënzerklooster is niets bewaard gebleven. De op aanwijzing van landgraaf Moritz in de periode 1616 – 1619 uitgevoerde opdeling in een lusthof en twee boomgaarden, zoals de oostelijke “Vorhof” is echter nog altijd duidelijk te herkennen.

In het kader van deze opdeling ontstond op de binnenplaats een “lusthof”met in het midden een put “waaruit men het water voor de lusthof moge putten”. Verder beval de vorst dat het terrein “in een sierlijke stijl met verschillende bedden, volgens de regelen van de tuinkunst en vol met allerhande vreemde gewassen, heesters en bloemen, opgedeeld” moest worden.

Omdat er van dat alles in 1985 bij aanvang van de grote renovatie niets meer was overgebleven, werd de tuin naar het voorbeeld van andere kloostergangen en rekening houdend met de actuele gebruikswensen vormgegeven met kruisvormige paden, gazons en een achthoekige open ruimte met fontein in het midden. In de perken aan de rand werden als herinnering aan de kloostertijd allerlei geneeskrachtige kruiden, oude rozensoorten, clematis en, op het zuiden, wijnranken geplant.

Text: Gerd Fenner

 

Adres:
Kloster Haydau
In der Haydau 6
34326 Morschen

Website: www.kloster-haydau.de
E-Mail: info@kloster-haydau.de of foerderverein@kloster-haydau.de

Eigendom van: Gemeente Altmorschen

Openingstijden:  Het hele jaar geopend

Toegangsprijs: Vrij

Evenementen en tentoonstellingen: Zie website

Toeristische informatie:

  • Café / Restaurant: Zondag 12.00 – 18.00 in de zomer
  • WC: ja, in de zomer
  • Parkeren: ja
  • Zitbanken in het park: ja
  • Gemiddelde duur van het bezoek: 45 minuten
  • De hoofdpaden zijn toegankelijk voor personen met een beperking.
  • Honden an de leiband, aub.